
Een ode aan maatjes
Door Nelsy Salden-Rebbens
Startend in een traineeship was dit een van de eerste dingen die ik leerde: de waarde van maatjes op het werk. We deelden eerste ervaringen, leerden elkaar kennen tijdens trainingen en dronken na afloop een drankje aan de bar. We leerden dat concurrentie niet bestond, want ieder had zijn eigen pad te gaan. Elkaar uitdagen, stimuleren en een gezonde dosis competitie waren er wel.
Twintig jaar later is er soms een random appje en gunnen we elkaar nog steeds de wereld. Onze werkwegen zijn gescheiden, de inhoud van onze gesprekken grotendeels vergeten. De band is gebleven.
Die ene collega
En zo zijn er door de jaren heen altijd maatjes geweest. Zoals die bijzondere collega met wie ik samen sessies kon omtoveren, waardoor andere collega’s moed en vertrouwen kregen om te veranderen.
Jij kent ze hopelijk ook. De collega met wie een lastige situatie ineens een puzzel wordt waarvan je denkt: dit gaan we oplossen. De collega die iets ziet wat jij nog niet zag. De collega die je aanvult. Van wie je leert en door wie je jezelf soms ook beter leert kennen. De collega die net wat meer weet van je thuissituatie. De collega die je onderweg naar huis belt om de dag nog even door te nemen. Degene die je mist als die op vakantie is.
Aan het einde van de zomer een ode aan dit maatje.
Machtig mooi
Precies twintig jaar geleden stapte ik de financiële wereld binnen. Ik vind het er machtig.
Té machtig soms.
Maar machtig mooi vind ik de verbinding die op de werkvloer kan ontstaan. Misschien wel de mooiste arbeidsvoorwaarde die nergens te onderhandelen is, maar van onschatbare waarde blijkt.
Welkom terug!
